Waar staan we op financieel gebied

De Jaarstukken 2025 sluiten (voorlopig) af met een positief saldo van € 4,5 miljoen. In de 4e kwartaalbrief 2025 werd nog een positief saldo van € 1,2 miljoen verwacht. Uiteindelijk is het saldo € 3,3 miljoen positiever dan verwacht.

Belangrijkste oorzaken voor het positieve saldo zijn:

  • hogere Rijksvergoeding en lagere uitgaven binnen het sociaal domein (€ 0,8 miljoen);

  • toerekening kosten naar specifieke uitkeringen € 1,1 miljoen.

  • overhevelingen / nog te voltooien werkzaamheden € 0,6 miljoen;

Verderop in dit hoofdstuk is een meer gedetaileerde analyse van het saldo opgenomen. In de jaarrekening vindt u per programma een nog uitgebreidere analyse.

Als laatste punt staan de werkzaamheden vermeld die we in 2025 niet konden voltooien. Onderstaand het overzicht met de over te hevelen / te reserveren voorstellen:

Programma

Omschrijving

Budget

Sociaal

Overheveling activiteiten Lokale Inclusie Agenda

In 2025 is incidenteel budget beschikbaar gesteld voor de Lokale Inclusie Agenda. Niet alle activiteiten konden in 2025 worden opgepakt. Enkele activiteiten zoals deelname aan de WorldPride en de toegankelijkheid van openbare toiletten zijn doorgeschoven naar 2026. Voorstel is om € 35.000 over te hevelen naar 2026

35

Uitvoeringskosten inburgering

Voor het hersteltraject inburgering zijn in de derde kwartaalbrief extra middelen beschikbaar gesteld. Dit is voor beleidstaken en contractmanagement. De inzet hiervan is in het najaar van 2025 geeffectueerd en loopt door in 2026. Daarom wordt voorgesteld deze onderbesteding over te hevelen naar 2026.

75

Inkomen en armoede

Aanpak kinderarmoede

In het coalitieakkoord is afgesproken om extra aandacht te besteden aan minimahuishoudens met opgroeiende kinderen. Naast minimaregelingen voor kinderen, zoals de uitbreiding van het Stadspasaanbod, hebben we in 2025 ingezet op verdere voorbereiding en samenwerking om kinderarmoede structureel aan te pakken. Het incidentele budget van € 55.000 voor kinderarmoede is in 2025 nog niet besteed, omdat is gekozen voor een zorgvuldige voorbereiding en afstemming met onderwijs, Ouder- en Kindcoaches en maatschappelijke partners. Dit bedrag wordt overgeheveld, zodat we in 2026 gericht kunnen starten met nieuwe activiteiten, waaronder de inzet van een financieel jongerenwerker, versterking van vroegsignalering en deelname aan regionale initiatieven zoals Jongeren Schuldenvrije Start.

55

Participatiewet in Balans

Via de Septembercirculaire 2025 heeft de gemeente Diemen € 40.000 ontvangen ter voorbereiding op en de implementatie van de Participatiewet in balans. Zoals aangegeven in de vierde kwartaalbrief hebben we hier in 2025 nog geen kosten voor gemaakt. De implementatie van de wijzigingen in de Participatiewet is een meerjarige ontwikkeling die doorgang vindt in 2026. Naar verwachting moeten we deze middelen aanwenden voor communicatiedoeleinden, capaciteitsuitbreiding en kennisbevordering. We stellen daarom voor het hele bedrag over te hevelen naar 2026.

40

Onderwijs

Onderwijshuisvesting

De afgelopen jaren is gebleken dat vraagstukken op het gebied van onderwijshuisvesting steeds complexer worden. Hierdoor is specifieke expertise noodzakelijk. Voor 2025 is daarom een budget van € 25.000 opgenomen voor externe advisering. Dit budget is in 2025 niet benut, onder andere omdat de verwachte aanvraag voor vervangende nieuwbouw later is ingediend dan vooraf voorzien. Omdat wij in 2026 kosten verwachten, wordt voorgesteld het bedrag van € 25.000 over te hevelen naar 2026

25

Gebiedsontwikkeling

Omgevingsplan

Het opstellen van het omgevingsplan is een langlopend traject, wat doorloopt tot omstreeks 2030. In 2025 is er een budget beschikbaar gesteld van € 225.000. Door vertraging in het proces is hiervan € 100.000 niet uitgegeven. We willen dit overgebleven budget gebruiken voor de werkzaamheden in 2026.

100

Extern advies Wonen in het kader van nieuwe landelijke wetgeving

Bij de kadernota 2025 is er een incidenteel budget van € 50.000 beschikbaar gesteld voor de Extern advies Wonen in het kader van nieuwe landelijke wetgeving. Doordat de wetgeving is uitgesteld is van dit budget € 30.000 nog niet besteed. Dit budget is echter nog nodig voor begeleiding bij het actualiseren van de Huisvestingsverordening en juridisch advies over privaatrechtelijke overeenkomsten. We stellen voor € 30.000 over te hevelen naar 2026.

30

Wet goed verhuurderschap en de Wet betaalbare huur

Het wettelijk verplichte meldpunt van de Wet goed verhuurderschap wordt uitgevoerd in combinatie met het Steunpunt Wonen. In 2025 is geen actieve aanpak gestart voor de uitvoering van deze nieuwe wetgeving. Hierdoor is € 115.000 niet besteed. Aangezien deze werkzaamheden in 2026 worden opgepakt, wordt voorgesteld dit bedrag over te hevelen naar 2026.

115

Financiën

Algemene Uitkering claims September- en Decembercirculaire 2025

- Wet versterking regie volkshuisvesting


Voor Diemen gaat het dan om een bedrag van € 70.000 (Decembercirculaire 2025). Het betreft een bedrag ter compensatie van incidentele uitvoeringslasten. De Wet versterking regie volkshuisvesting treedt op z’n vroegst per 1 juli 2026 in werking. Ter voorbereiding ontvangen de gemeenten een incidentele compensatie. In 2026 zullen we via een kwartaalbrief het budget aanvragen.

70

- Bevordering van Sociale stabiliteit

Het ministerie van SZW zet zich in voor het versterken van de veerkracht en weerbaarheid van individuen, omgevingen, gemeenschappen en de samenleving, met als doel de sociale stabiliteit te bevorderen. In de Decembercirculaire van het Gemeentefonds is opgenomen dat Diemen € 25.000 ontvangt om de lokale aanpak ter vermindering van maatschappelijke spanningen, specifiek gericht op het thema discriminatie, verder te versterken.Omdat wij in 2025 geen uitvoering hebben kunnen geven aan dit project, stellen wij voor om het bedrag in 2026 beschikbaar te stellen.

25

Totaal over te hevelen budgetten

570

In 2025 hebben we veel van onze ambities gerealiseerd. Toch zien we ook wat optimisme in de planningen terug. Soms is de doorlooptijd van projecten net iets langer dan vooraf verwacht. De oorzaken daarvan zijn verschillend maar leiden er uiteindelijk toe dat we enkele ambities pas in 2026 kunnen afronden (zie de overhevelingen). Veruit de meeste ambities zijn wel gerealiseerd.

De regelgeving schrijft voor dat het rekeningresultaat bestaat uit een resultaat voor verrekening met de reserves en een resultaat na verrekening met de reserves. Deze opbouw ziet er als volgt uit:

Saldo van baten en lasten

Begroting 2025
primitief

Begroting 2025
na wijzigingen

Realisatie 2025

Totaal baten

108.698

127.154

128.295

Totaal lasten

-110.474

-122.939

-120.360

Saldo voor verrekening met reserves

-1.775

4.215

7.935

Onttrekkingen uit reserves

1.151

3.721

4.360

Dotaties aan reserves

-170

-6.746

-7.805

Mutaties reserves

981

-3.025

-3.445

Saldo van baten en lasten

-795

1.193

4.490

Bestemming resultaat

Wij stellen voor het positieve resultaat grotendeels in de Algemene Reserve te storten. Een uitzondering willen we maken voor de Duurzaamheidsagenda.

Voor de meeste onderdelen van de Duurzaamheidsagenda zijn de budgetten binnen de exploitatiebegroting opgenomen. In 2025 ontvingen we ruim € 1,2 miljoen van het Rijk voor personele capaciteit voor klimaat- en energiebeleid, de zogenoemde CDOKE-gelden. Nog niet alle capaciteit is aangetrokken. Conform afgelopen jaren rekenen we wel alle mogelijke kosten toe bij de verantwoording van het CDOKE-budget. Dit betreft ook werkzaamheden door vast personeel. We stellen voor het daardoor vrijvallende budget van € 0,6 miljoen in de Bestemmingsreserve Duurzaamheid te storten. Zodoende blijven er ook in de toekomst middelen beschikbaar om invulling te geven aan onze ambities op het gebied van duurzaamheid en de realisatie van de energietransitie.

Ons voorstel is € 3,9 miljoen in de Algemene Reserve te storten en € 0,6 miljoen in de Bestemmingsreserve Duurzaamheid.

In 2026 vragen we via de kwartaalbrieven de over te hevelen budgetten aan. Pas als blijkt dat er geen nieuw incidenteel budget is en er voldoende capaciteit is om de taak uit te voeren nemen we de overheveling in 2026 op. Zodoende voorkomen we dat de overhevelingen opstapelen.

In 2026 verrekenen we de overheveling wederom met de Algemene Reserve. Zodoende hebben de overhevelingen niet opnieuw invloed op het rekeningresultaat in 2026.

Rechtmatigheidsverantwoording

Het college van burgemeester en wethouders legt zelf de verantwoording over de rechtmatigheid af. De raad heeft de verantwoordingsgrens bepaald op 2% van de totale lasten inclusief de dotaties aan de reserves. De verantwoordingsgrens is daarmee bepaald op € 2,4 miljoen.

In 2025 rapporteren we een totaal aan afwijkingen van € 0,8 miljoen. De door ons geconstateerde afwijkingen blijven binnen de verantwoordingsgrens.De rapportagegrens voor de toelichting van de geconstateerde afwijkingen is € 100.000. In de paragraaf Bedrijfsvoering zijn de afwijkingen toegelicht.

Reservepositie

De verrekeningen met de reserves zijn het gevolg van de in december 2023 vastgestelde "Nota reserves en voorzieningen 2023". In die nota hebben we vastgelegd dat het op peil brengen van de voorzieningen direct kan door verrekening met de daarvoor aangewezen reserves. Dergelijke mutaties hebben nu geen invloed meer op het rekeningsaldo en hoeven niet apart ter besluitvorming worden voorgelegd.

Gelijktijdig met de jaarstukken wordt het Meerjarenperspectief grondzaken 2025 ter vaststelling voorgelegd. Hierin staan de verrekeningen met de Reserve en Voorziening Grondzaken nader toegelicht.

Financieel beleid is het saldo van de jaarrekening te storten in de Algemene reserve. Hierdoor neemt het weerstandsvermogen verder toe.

Algemene reserve / weerstandsvermogen

Onderstaand de stand van de Algemene reserve per 31 december 2025.

Ontwikkeling Weerstandsvermogen

Algemene reserve

- stand per 1 januari 2025

30.680

- mutaties

3.050

Stand per 31 december 2025

33.730

Reserve grondzaken

- stand per 1 januari 2025

16.090

- mutaties

1.480

Stand per 31 december 2025

17.570

Saldo Jaarrekening 2025

4.490

Stand na vaststelling Jaarstukken 2025

55.790

De ratio voor het incidentele weerstandsvermogen is 'Uitstekend'.

De Algemene reserve is in 2025 verder toegenomen waardoor de weerstandscapaciteit verder is vergroot. Voor de lopende grondexploitaties waar we verliezen verwachten, is de 'Voorziening Verlies Grondzaken' aangevuld vanuit de Reserve grondzaken.

Het woningtekort is groot en de ambitie voor meer sociale woningen met de beperkte grond die aanwezig is, zijn risico’s voor nieuwe grondexploitaties.

We leven in economisch onzekere tijden. De ontwikkelingen op wereldniveau hebben groot effect op de prijzen voor grondstoffen en energie. Deze ontwikkelingen hebben een negatieve invloed op onze grondexploitaties. Voor het opvangen van negatieve resultaten zijn we verplicht een voorziening aan te leggen (Voorziening Verlies Grondzaken). Om de Voorziening Verlies Grondzaken op het gewenste niveau te houden verrekenen we met de reserve Grondzaken. De reserve Grondzaken is goed gevuld. Daarmee zijn we in staat negatieve ontwikkelingen op te vangen.

De ratio voor het structurele weerstandsvermogen is 'Uitstekend'.

Vanaf 2027 hebben we in ons meerjarenperspectief rekening gehouden met de negatieve gevolgen van de herverdeling van het Gemeentefonds. Daarmee kan dat risico vervallen. Momenteel staat de wereldeconomie voor aanhoudende uitdagingen, waaronder de hoge energieprijzen en de geopolitieke onzekerheid. Om in de toekomst maatregelen te kunnen nemen is in 2025 de "Notitie beweegbare budgetten" opgesteld. Deze notitie geeft inzicht in budgetten die ingezet kunnen worden bij het voordoen van risico's of verslechtering van het meerjarenenperspectief. Daarnaast biedt de notitie handvatten voor verder onderzoek.

Conclusie

2025 kunnen we financieel gezien positief afsluiten. Door het storten van het positieve rekeningsaldo in de algemene reserve verbetert onze algemene reservepositie. Deze goede reservepositie geeft ons in de toekomst enig comfort, zeker gezien de onzekerheid over de vanuit het Rijk te ontvangen middelen.

Verklaring van het resultaat

Onderstaand een overzicht van de belangrijkste afwijkingen die zich sinds de 4e kwartaalbrief 2025 hebben voorgedaan.

Verwachte saldo in 4e kwartaalbrief 2025

1.195

Overhevelingen

570

Sociaal

Jeugdzorg

Voor zowel de enkelvoudige als de specialistische jeugdhulp volgen nog afrekeningen over 2025. Verwachting is dat daarmee dit overschot verdwijnt en het uiteindelijke jaarrekeningsaldo lager wordt.

-130

Participatie

De uitvoerder van de Sociale Werkvoorziening (WSW) ontvangt een subsidiebijdrage van de gemeente Diemen. Deze bijdrage is gebaseerd op een inschatting van de omvang van de sociale werkpopulatie en dient ter dekking van de loonkosten. De sociale werkpopulatie neemt structureel af (sterfhuisconstructie), maar de snelheid van deze afname is onzeker. Door deze onzekerheid is de begroting hierop nog niet aangepast.
In 2025 resulteert dit in een per saldo voordelig resultaat.

240

Veilig

Hogere inkomsten (leges + bestuurlijke boete)

In 2023 is gestart me het opleggen van bestuurlijke boetes op grond van de Huisvestingswet. Deze boetes worden opgelegd bij het oneigenlijk (crimineel) gebruik van de woningen. De opgelegde bestuurlijke boetes waren hoger dan begroot.

175

Inkomen en armoede

Bijstandsverlening

Doordat het aantal bijstandsgerechtigde verder is afgenomen in 2025 is er voor inkomensvoorzieningen minder bijstand verleend.
Ook de uitgaven voor bijzondere bijstand waren in 2025 lager dan begroot. Oorzaak hiervan is onder andere dat we statushoudersgezinnen op de doorstroomlocatie (Diemerdreef) konden plaatsen. Daardoor is er geen beroep gedaan op de bijzondere bijstand voor inrichtingskosten door statushouders. Deze units waren namelijk al voorzien van inrichting.
Ook de ondersteuning vanuit de casushouders toeslagenaffaire heeft geleid tot minder aanvragen bijzondere bijstand dan voorgaande jaren.
Tenslotte ontstaat er een voordeel bij de terugvordering van bijstand. De voorziening kan worden afgeraamd.

435

Minimabeleid

Voor de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen hadden we rekening gehouden dat het aantal kwijtscheldingsverzoeken in 2025 zou oplopen. Het aantal in 2025 is min of meer gelijk gebleven aan 2024. Dit leidt tot een voordeel.
In 2025 is het Stadspasaanbod uitgebreid voor kinderen. Hiervoor is het budget incidenteel verhoogd met € 95.000. Het gebruik van de Stadspas was lager dan verwacht. Dit komt mede door de aangescherpte doelgroepbepaling.
Tenslotte was de inzet van vroegsignalering bij de schuldhulpverlening effectief. Door preventief lichte ondersteuning aan te bieden was er een lagere behoefte aan zwaardere trajecten, dit leidde tot de inzet van minder middelen.

260

Gebiedsontwikkeling

Opbrengsten erfpacht

In de 4e kwartaalbrief hebben we de prognose voor de opbrengsten van erfpacht aangepast en daarbij aangegeven dat het lastig is in te schatten hoeveel overstapdossiers in 2025 nog konden worden afgehandeld. Dit zijn er uiteindelijk meer dan verwacht en dat leidt uiteindelijk tot een voordeel.

130

Samen besturen

Voorziening pensioenen wethouders

Ieder jaar laten wij de hoogte van de voorziening Pensioenen berekenen door een extern bureau. In de 4e kwartaalbrief is verwachte afdracht naar de voorziening geactualiseerd op basis van de berkeningen uit 2024. De berekening 2025 laat een gunstiger beeld zien, er is een lagere dotatie nodig dan verwacht.

265

Personeelskosten

In 2025 is er € 320.000 van het inhuurbudget niet ingezet. Er is minder ingehuurd dan verwacht en de vrijval van de salarislasten was voordeliger dan verwacht.
Daarnaast konden we een deel van de inhuur naar DUO-brede programma's doorbelasten.

375

Bedrijfsvoering

Aan bedrijfsvoeringskosten is er in 2025 minder uitgegeven dan begroot. Dit bedrag wordt veroorzaakt door de afrekening van het positief rekeningresultaat over 2024 van Duo+. Ook leveren de lagere premies voor verzekeringen een positief resultaat.

140

Financiën

Algemene uitkering

Op basis van de laatste specificatie zijn de ontvangsten van de algemene uitkering 2025 verwerkt. Ook de laatste specificatie uit 2024 is verwerkt in 2025. Hierdoor is er een negatief verschil ontstaan.

-255

Overige verschillen

'Toerekening kosten naar specifieke uitkeringen:

Vanuit het Rijk ontvangen we specifieke middelen voor door het Rijk bepaalde doelen. Voor de realisatie van deze doelen zetten we capaciteit in. Zowel eigen capaciteit als ingehuurde capaciteit. Ook andere kosten zoals subsidies en bijzondere bijstandsgelden mogen, afhankelijk van de doelstelling, toegerekend worden naar de specifieke uitkering.
Wanneer de doeluitkering gebaseerd is op een normbedrag mag de gemeente het verschil tussen de ontvangen uitkering en de werkelijk gemaakte kosten behouden. Door deze extra dekkingsmogelijkheid en door efficient te werken is een voordeel ontstaan van bijna € 1,3 miljoen.

1.140

Overig

-50

Rekeningsaldo 2025

4.490

Stel uw tan:document zelf samen

SELECTIE

0 - geselecteerd

Direct downloaden


Volledige pdf